5 verschillende generaties op de werkvloer

En hoe jouw organisatie daar het meeste voordeel uit haalt. Gen Z is lui. En boomers kunnen qua technologie niet veel meer dan hun...

En hoe jouw organisatie daar het meeste voordeel uit haalt.

Gen Z is lui. En boomers kunnen qua technologie niet veel meer dan hun e-mail openen. Tja, er zijn nogal wat (voor)oordelen over de verschillende generaties op de werkvloer. Vooroordelen die
zeker niet altijd kloppen, maar ook zeker niet altijd benut worden. Want er valt veel winst te halen als we de verschillen als voordeel zien, de krachten bundelen en de generatiekloof dichten. Klinkt goed, toch? Maar hoe?

Het is niets nieuws: een nieuwe generatie zet zich altijd af tegen de vorige. Dat is nu, op de
werkvloer, niet anders. Toegegeven, de mix bestaat uit meer verschillende generaties dan ooit
tevoren. We werken nou eenmaal langer door nu. Maar al die verschillende generaties op de
werkvloer leveren ook juist mooie dingen op. Tenminste, als je ervoor openstaat… Maar laten we
niet op de zaken vooruitlopen! Laten we eerst eens kijken over welke generaties we het precies
hebben.

Er zijn 5 generaties op de werkvloer

Al zeggen sommige verdelingen dat het er 4 zijn. En ook over de precieze jaartallen is wat discussie. Om het overzichtelijk te houden, gaan we uit van de indeling van generatie-expert Aart Bontekoning. Natuurlijk kun je niet iedereen uit 1 generatie over 1 kam scheren. Maar er valt zeker iets over de
verschillen te zeggen. In de tabel hieronder zie je een kort overzicht van de verschillende generaties en hun sterke en minder sterke kanten.

GeneratieJaartalKrachtKans
Protestgeneratie
(Babyboomers)
1940 – 1955– Werken hard
– Hebben veel kennis
en ervaring
– Zijn loyaal aan de
organisatie
– Houden vast aan oude gewoonten
– Vinden het moeilijk om te gaan met digitalisering
Generatie X1955 – 1970 Zijn zelfstandig,
resultaatgericht en
ambitieus
– Zijn kritisch op hun omgeving
– Zijn niet altijd sterke teamspelers
Pragmatische generatie (Patatgeneratie)1970 – 1985– Zijn zelfredzaam
– Pakken de regie
– Vinden ‘jezelf zijn’ belangrijk
– Richten zich veel op korte termijn resultaten; – Hebben moeite met langetermijnplanning
Generatie Y (Millennials)1985 – 2000– Zijn technisch, ondernemend en sociaal bewust
– Hebben behoefte aan een goede werk-privébalans
– Willen soms te snel vooruitgang maken
– Focussen soms te oppervlakkig op hun werk
Generatie Z  (Gen Z)2000 – 2015– Zijn digitaal vaardig, creatief, ondernemend – Kunnen goed multitasken en zich snel aanpassenHebben soms onrealistische verwachtingen, en een gebrek aan geduld en focus

De generatieverschillen leiden op de werkvloer weleens tot meningsverschillen. Vindt de ene medewerker een croptop boven een pantalon een geslaagde werkoutfit? En antwoordt diegene liever met een e-mail dan een telefoontje? Grote kans dat diegene dan weleens botst met collega’s uit een wat oudere generatie. Die vinden dat stukje buik namelijk écht niet kunnen. En die begonnen met hun eerste baan voordat “bel-angst” een dagelijks begrip werd op de werkvloer.

Verschillende generaties hebben verschillende meningen

Na corona kwam er nog een andere discussie op gang. Want opeens werd thuiswerken een belangrijk thema. Boomers en generatie X vinden het belangrijk om samen te komen. Ze vinden dat een stuk makkelijker werken. En ze houden er natuurlijk gewoon van om oude gewoontes in stand te houden. Millennials en Gen Z hebben daar andere ideeën over. Die werken liever wat vaker thuis. Dan heb je de vrijheid om je reistijd te gebruiken om aan het begin van de dag je was te doen. En om aan het einde van de dag weer op tijd bij de sportschool te staan. Wat dit voorbeeld mooi laat zien, is dat de ene generatie niet meer gelijk heeft dan de andere. Maar wat doe je daar als organisatie dan mee? Het levert het meest op om elkaar tegemoet te komen en de krachten te bundelen van de verschillende generaties op de werkvloer.

Zie de verschillen nou juist eens als voordeel

Want ja, over het algemeen zijn Boomers, Generatie X en de Pragmaten wat meer van het harde werken. En van de duidelijke hiërarchie. (Over het algemeen, hè?) Maar ze zijn ook wandelende Wikipedia-pagina’s over de organisatie. Zij hebben kennis die zij maar wat graag willen delen. En ja, de jongere generaties Y en Z zijn meer van de vrijheid en zingeving. Maar ze zorgen ook voor veel vernieuwing en energie in een organisatie. De combinatie van die generaties levert een krachtig team op.

Het is dan ook niet zo gek dat 86% van de medewerkers in de wereld liever in een team werkt met meerdere generaties. Dat blijkt in ieder geval uit de Randstad Workmonitor. Want als je verschillende generaties op de werkvloer weet te verbinden, levert dat meer creativiteit op. En uiteindelijk ook snellere vooruitgang. En waarschijnlijk ook interessantere gesprekken aan de lunchtafel. Toch mooi meegenomen. 

Huib Koeleman, specialist in verandercommunicatie, zegt het treffend in de COMPOD-aflevering Interne communicatie – van AI tot GenZ: “Gen Z wil informatie korter, visueler, aantrekkelijker en met meer interactie. Maar als we dit doorvoeren, zou uiteindelijk iedereen er gelukkiger van worden.” En dat wil iedereen ook wel, toch? Dan is alleen de vraag nog: hoe?

Drie tips voor een soepele samenwerking tussen de verschillende generaties

  1. Zorg voor het juiste werkklimaat
    Generatieverschillen onderzoeken, is best spannend. Medewerkers moeten opeens naar hun eigen overtuigingen en vooroordelen kijken. Ze kunnen achter blinde vlekken komen. Of achter het feit dat hun werkgewoontes misschien wat verouderd zijn. Hiervoor wil je een klimaat scheppen waarin de verschillende generaties een gesprek aan durven gaan.

    Een paar ideeën om dat te bereiken: laat bijvoorbeeld verschillende generaties samenwerken aan een project of een taak. Of koppel een jongere en oudere medewerker aan elkaar. Bijvoorbeeld in de vorm van een mentor-buddyprogramma. Organiseer teambuildingsactiviteiten. Of brainstorms waarin iedereen zijn ideeën, ervaringen en gedachtes kan delen. Maar het belangrijkste bij al deze activiteiten? Zorg ervoor dat er ruimte is om te experimenteren. Fouten maken mag. Als we achteraf maar open met elkaar delen wat wel en niet werkt.

  2. Ga het gesprek aan en maak afspraken
    In dat gesprek staat centraal wat iemand nodig heeft om zijn werk te doen. Dat hoeft geen zwaar gesprek te zijn. Sterker nog: dat kan juist heel leuk zijn! “Hoe willen we met elkaar werken? Welke verwachtingen mogen we van elkaar hebben? Hoe gaan we om met hiërarchie? Hoe divers en inclusief willen we zijn? En in hoeverre verwachten we dat mensen in hun vrije tijd hun telefoon opnemen?”, helpt Huib het gesprek op gang.

    Ga eens actief aan de slag om in dat gesprek de heersende aannames te checken. Is die collega echt altijd negatief over vernieuwing? Of ziet hij gewoon realistische obstakels op de weg? Of speelt er misschien ook een stukje onzekerheid? Door de juiste vragen te stellen kom je een heel eind. En door de antwoorden op papier te zetten, maak je de afspraken met elkaar meteen concreet.

  3. Begin met upchuncken: 1 team, 1 taak
    Upchunken is een techniek uit Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP). Het helpt je om met elkaar het grote plaatje te zien. Ga maar eens na: verschillen we echt zó veel van elkaar? Als het goed is, heb je als team namelijk 1 doel voor ogen. Je wilt dat de organisatie het goed doet. En dat kan zijn: zoveel mogelijk klanten binnenhalen. Of een zo efficiënt mogelijk proces opzetten. Of misschien wel het werkgeluk zo hoog mogelijk krijgen.

    In tijden van meningsverschillen is het vooral belangrijk om dat gedeelde doel scherp te krijgen. Dat kun je bereiken met upchunken. Bijvoorbeeld door vragen te stellen als: wat willen we hiermee bereiken? Waar is dit een voorbeeld van? Of: wat vind je daarbij belangrijk?

De verschillende generaties op de werkvloer verbinden is zeker geen makkelijke taak. Maar zoals Huib al zei: “Als we dit doorvoeren, zou iedereen er gelukkiger van worden.”

Vacaturetekst genereren

Probeer nu onze vacaturetool en krijg gratis advies

Naar de vacaturetool

Dit zal sluiten in 22 seconden